ZN: vier vergunningen protonentherapie is teveel

10 september 2013

10 september 2013

Zorgverzekeraars Nederland (ZN) vinden het een verkeerd signaal van minister Schippers om aan vier Universitair Medische Centra een vergunning te verlenen voor protonentherapie. Uit het oogpunt van kwaliteit en kostenbeheersing zou met een enkele vergunning kunnen worden volstaan. Zelfs zou overwogen kunnen worden helemaal af te zien van voorzieningen in Nederland, omdat er dichtbij in het buitenland nog voldoende, onbenutte capaciteit aanwezig is.

Protonentherapie is een nieuwe vorm van radiotherapie die gebruikt kan worden voor de behandeling van specifieke vormen van kanker. In Nederland bestaan nu nog geen faciliteiten om protonentherapie aan te bieden. De nieuwe Regeling protonentherapie maakt de verlening van maximaal vier vergunningen mogelijk, op grond van de Wet op bijzondere medische verrichtingen, voor protonentherapie met een behandelcapaciteit van in totaal 2200 patiënten.

Een of twee centra is genoeg

Volgens ZN zouden vele miljoenen geïnvesteerd moeten worden om protonentherapie naar Nederland te halen. ZN heeft namens de zorgverzekeraars bezwaar aangetekend tegen de regeling protonentherapie van de minister van VWS. Als de vergunningen toch worden verleend, gaan de zorgverzekeraars onderzoeken of zij gezamenlijk de contractering kunnen beperken tot één, hooguit twee centra.

Spreiding over Nederland niet nodig

In het onlangs met de minister gesloten akkoord over de ziekenhuiszorg is afgesproken de kostenstijging de komende jaren fors te beperken. In dat kader is ook de afspraak gemaakt om dure, nieuwe zorgvoorzieningen op beheerste wijze te introduceren. Spreiding van protonentherapie over het land is volgens de zorgverzekeraars niet nodig, omdat het gaat om een kortdurende, intensieve behandeling die heel goed geconcentreerd kan worden aangeboden.

Goedkoper in Duitsland

Sinds maart 2010 is pronotherapie verzekerde zorg. Volgens de prognoses zouden ongeveer 3450 patiënten per jaar daarvoor in aanmerking komen, maar in de praktijk blijkt dat in veel minder gevallen een indicatie wordt gesteld. De zorgverzekeraars verwachten dat behandeling in Nederland ongeveer 100.000 per jaar gaat kosten, terwijl in Duitsland (waar capaciteit beschikbaar is) het tarief op ongeveer 35.000 euro ligt. Verder wijzen de zorgverzekeraars erop dat het nog drie à vier jaar duurt, voordat de centra in Nederland operationeel kunnen zijn; in die tijd gaan de technologische ontwikkelingen ook door, waardoor mogelijk betere en/of goedkopere alternatieven ontstaan.

Effectiever en minder bijwerkingen

Volgens schattingen van de Gezondheidsraad kunnen in 2015 ten minste negenduizend kankerpatiënten in Nederland in aanmerking komen voor protonentherapie. Dat is bijna tien procent van alle kankerpatiënten in Nederland. Vooral kinderen en bijvoorbeeld patiënten met schedelbasistumoren en oogtumoren hebben baat bij protonentherapie. Daarnaast kan voor uiteenlopende tumorsoorten, waaronder long-, borst-, en hoofd/halstumoren, protonentherapie voor een specifiek deel van de patiënten resulteren in een behandeling die effectiever is en/of met minder bijwerkingen gepaard gaat.

Meer informatie

Ontvang ook onze nieuwsbrief
Praat mee