Pathologen onderzoeken het weefsel van de tumor van kankerpatiënten om erachter te komen om welk soort kanker het gaat. Dat doen zij met microscopisch onderzoek en aanvullende kleuringen van het weefsel. Soms zijn er uitgebreide moleculaire testen nodig om tot een goede weefseldiagnose te komen. En dat is belangrijk, want in bijvoorbeeld het geval van longkanker moet een behandelend arts weten om wat voor tumortype het gaat: kleincellig of niet kleincellig. In het laatste geval zijn er dan weer veel verschillende types. Voor ieder vorm van longkanker is er weer een andere behandeling nodig, aldus dr. Petur Snaebjornsson, patholoog in het Antoni van Leeuwenhoek in een interview op de website van Hartwig Medical Foundation.

Primaire Tumor Onbekend

Voor de juiste behandeling van kanker is het nodig te weten waar de bron van de tumor zich bevindt, maar ook om wat voor tumortype het gaat. Meestal lukt het goed om hier achter te komen via standaard onderzoek, maar soms lukt het ook niet. Dat is in Nederland ieder jaar bij 1.300 patiënten het geval. Zij hebben uitzaaiingen van kanker waarbij de bron ondanks uitvoerig onderzoek niet te vinden is: er wordt dan gesproken over Primaire Tumor Onbekend (PTO).

DNA-analyse

Een volledige DNA-analyse van een tumor met Whole Genome Sequencing (WGS) kan regelmatig helpen om de bron van een uitgezaaide tumor en het tumortype op te sporen. En het kan ook helpen om extra behandelmogelijkheden voor patiënten te vinden. 

Meer informatie