Teams leveren betere borstkankerzorg

21 mei 2012 – Invoering van multidisciplinaire teams en concentratie van de borstkankerzorg heeft in de jaren 90 in Schotland geleid tot een versnelde daling van de borstkankersterfte. In de regio waarin deze organisatieveranderingen het eerst werden doorgevoerd, steeg de 5-jaars overleving van 71,3% in de jaren 1990-1995 naar 79,2% in de jaren 1996-2000. In de omliggende gebieden steeg de overleving ook, maar minder: van 73,6% naar 75,9%. De verbetering is statistisch significant, ook als rekening wordt gehouden met de algehele verbetering van de prognose van borstkanker in de onderzoeksperiode.

Dat blijkt uit een retrospectief cohortonderzoek van de Britse National Health Service onder 13.722 patiëntes. Van hen woonden 6050 in het gebied rond Glasgow, waar de multidisciplinaire borstkankerteams het eerst werden geïntroduceerd (BMJ. 2012;344:e2718). Door de multidisciplinaire zorg ligt de kans voor een individuele patiënte om binnen 5 jaar te overlijden 11% lager – dit is 18% lager als alleen de sterfte door borstkanker wordt meegeteld.

Net als in Nederland werken in de Schotse multidisciplinaire mammateams gespecialiseerde chirurgen, oncologen, pathologen, radiologen en verpleegkundigen samen. Ze houden wekelijkse patiëntbesprekingen, werken volgens richtlijnen en monitoren de uitkomsten. Bij de introductie van deze teams in 1995 werd de borstkankerzorg rond Glasgow geconcentreerd in 5 grotere centra.

De organisatorische veranderingen leidden niet alleen tot betere overleving, maar ook tot kleinere verschillen tussen ziekenhuizen. Het effect lijkt het grootst onder de oudste patiëntes (> 80 jaar) en is ook significant voor vrouwen tussen 65 en 79 jaar. Na 2000 werd multidisciplinaire zorg in heel Schotland ingevoerd.

Bron: NtvG (Bijdrage Esther van Osselen)

Ontvang ook onze nieuwsbrief
Praat mee