RIVM brengt gevolgen corona voor oncologische zorg in kaart

17 december 2020 – De maatregelen rond de eerste COVID-19 epidemie hadden duidelijke gevolgen voor de oncologische zorg. Mensen met klachten die mogelijk op een tumor wijzen, gingen niet naar de huisarts of stelden hun bezoek uit. Ook zijn de bevolkingsonderzoeken tijdelijk stopgezet. Met als gevolg minder verwijzingen naar het ziekenhuis en minder nieuwe kankerdiagnoses. Aldus het rapport van het RIVM ‘Impact van de eerste COVID-19 golf op de reguliere zorg en gezondheid.’

Dit onderzoek gaat in op de gevolgen die de COVID-19-epidemie heeft gehad voor de zorg en voor de gezondheid van niet-COVID-19- patiënten in de eerste helft van het jaar. Als einde van de eerste COVID-19 golf wordt eind augustus aangehouden. Veel zorg werd toen weer vrijwel op het oude niveau geleverd en de tweede golf was nog niet begonnen. Het rapport besteedt ook aandacht aan de oncologische zorg.

Oncologische zorg tijdens eerste coronagolf

Er waren minder doorverwijzingen naar het ziekenhuis, waardoor er ook minder nieuwe kankerdiagnoses waren. Deze daling was in het voorjaar het grootst bij huidkanker, maar in de zomermaanden begon een inhaalslag. Ook bij borstkanker nam het aantal diagnoses sterk af. Dit kwam onder andere doordat de bevolkingsonderzoeken tijdelijk waren stopgezet. Vanaf begin juli is de screening hervat. Eind augustus lag de capaciteit op ongeveer de helft van normaal. In november 2020 maakte het RIVM bekend dat het screeningsinterval tussen twee oproepen tijdelijk verlengd wordt van twee naar maximaal drie jaar. Onder andere vanwege de COVID-19-maatregelen is het niet meer mogelijk om evenveel vrouwen per dag te onderzoeken als voorheen.

Het bevolkingsonderzoek darmkanker hervatte medio mei weer. De beschikbare capaciteit nam geleidelijk toe en lag medio augustus weer bijna op het oude niveau. Het bevolkingsonderzoek naar baarmoederhalskanker is op 1 juli volledig hervat. Eind augustus waren er voor dit bevolkingsonderzoek geen wachttijden.

Missen of uitstel diagnose melanoom

Een relatief groot deel van de verloren gezonde levensjaren zijn het gevolg van weggevallen behandelingen binnen de specialismen oogheelkunde en orthopedie, zoals staar-, knie- en heupoperaties. De schattingen over de gevolgen voor kankerpatiënten vallen buiten de berekeningen van dit RIVM-onderzoek. Deze schattingen zijn ingewikkelder. Als eerste aanzet zijn de gevolgen voor melanoom uitgewerkt. Naar schatting zijn 1.600 tot 2.800 gezonde levensjaren verloren gegaan door deze uitgevallen zorg.

Verwijzingen naar specialistische zorg

Na het afkondigen van de eerste COVID-19-maatregelen medio maart daalde het aantal oncologische verwijzingen. Eind maart was het dieptepunt met iets minder dan 2.500 verwijzingen per week (pre-corona lag het aantal oncologische verwijzingen op circa 9.000 per week). Daarna steeg het aantal verwijzingen weer. Medio augustus lag het aantal verwijzingen boven de 9.000 en was daarmee terug op het oude niveau.

Daling diagnoses 20-25 procent

In maart – mei lag het aantal nieuw gestelde kankerdiagnoses 20 tot 25 procent lager dan het gemiddelde van de weken vóór deze periode. Bij huidkanker was dit zelfs ruim 50 procent. Vanaf begin juni herstelde het aantal diagnoses zich. Voor huidkanker lag het aantal diagnoses in juni en juli boven het oude niveau; in augustus was dit vergelijkbaar met het niveau van voor de COVID-19 epidemie. In maart – mei 2020 lag het aantal nieuwe kankerpatiënten een stuk lager dan in voorgaande jaren. In juni, juli en augustus was het aantal nieuwe kankerpatiënten per maand vergelijkbaar met eerdere jaren.

Erasmus MC over tijdelijk inperken bevolkingsonderzoek

De bevolkingsonderzoeken zijn per 16 maart 2020 tijdelijk stilgelegd en na drie maanden weer langzaam gestart. Het RIVM-onderzoek gaat ervan uit dat ze alle drie 6 maanden zijn vertraagd, waardoor de resultaten dus een beperkte overschatting van de werkelijke effecten kunnen zijn. De daadwerkelijke achterstand voor borstkanker is groter dan voor darm- en baarmoederhalskanker. Het Erasmus Medisch Centrum heeft het aantal minder voorkomen sterfgevallen berekend dat tussen 2020 en 2039 kan worden verwacht door deze vertraging van 6 maanden. Voor borstkanker worden in deze periode per jaar 14 tot 24 minder sterfgevallen voorkomen op een totaal van ruim 1.450 per jaar onder normale omstandigheden. Voor baarmoederhalskanker wordt naar verwachting gemiddeld per jaar 1 sterfgeval minder voorkomen ten opzichte van gemiddeld 250 sterfgevallen per jaar. Voor darmkanker worden naar verwachting jaarlijks 13 tot 103 minder sterfgevallen voorkomen ten opzichte van een gemiddeld aantal sterfgevallen van 2.500 per jaar.

Perspectief van patiënten

Ongeveer een derde van een groep respondenten met kanker gaf in een peiling in april aan dat de COVID-19 epidemie gevolgen heeft gehad voor hun behandeling of nacontrole. Het omzetten van een afspraak in het ziekenhuis naar een belafspraak werd daarbij het meest genoemd. Van de mensen die nog moesten starten met hun behandeling, gaf één op de zes aan dat de behandeling was uitgesteld. Bij mensen die ten tijde van het onderzoek al in behandeling waren, was dit één op de acht. De behandelingen die vooral zijn uitgesteld, zijn immunotherapie, chemotherapie en doelgerichte therapie. Ruim de helft van de mensen bij wie de behandeling werd uitgesteld, maakte zich hier (veel) zorgen over.

Meer informatie

 

Ontvang ook onze nieuwsbrief
Praat mee