NZa: Minder kankerdiagnoses in coranatijd

1 september 2020 – De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) meldt dat er weer ongeveer evenveel oncologische zorg wordt geleverd als in voorgaande jaren zonder corona. Het aantal verwijzingen naar medisch-specialistische zorg zit in juli weer rond het niveau van die maand in de afgelopen jaren. Ook zien we dat in juli het aantal behandelde patiënten in ziekenhuizen gelijk of iets hoger is dan in juli 2018 en juli 2019. Dat geldt ook voor oncologiepatiënten.

Stabilisatie

Vanaf week 11 was de daling in het aantal patiëntcontacten (per week) bijna 50%. In mei zien we een stabilisatie van het aantal patiëntcontacten per week. Als we corrigeren voor de registratie-effecten, zien we vanaf juni een duidelijke toename en lijkt het aantal oncologische patiënten in juli weer op het niveau van 2018 en 2019 te liggen.

Zowel het aantal doorverwijzingen vanuit de huisarts als het aantal behandelingen in het ziekenhuis zijn dus weer op een voor de zomer gebruikelijk niveau. Ook het aantal gevonden tumoren is weer op het verwachte niveau of zelfs iets daarboven.

Bij huidkanker, hoofd­halskanker en kanker van de vrouwelijke geslachtsorganen lijkt de achterstand in diagnostiek en behandeling weer iets ingelopen te worden. Het relatief grote aantal urgente verwijzingen duidt mogelijk ook op patiënten die al langer rondliepen met klachten en in juli met spoed of verkorte wachttijd zijn ingestuurd.

De bevolkingsonderzoeken zijn inmiddels allemaal weer opgestart.

Huidkanker

De NOS meldt dat door de coronamaatregelen in Nederland in de achterliggende periode 5000 kankerdiagnoses minder gesteld zijn dan in de voorgaande tien jaren gemiddeld het geval was. Het risico op een ongunstiger ziekteverloop is het grootst bij de meest agressieve kankervormen, bijvoorbeeld tumoren in botten of weke delen als spieren of huidkanker.

Volgens Otto Visser, directeur registraties bij IKNL kunnen de gevolgen van het uitstel van de zorgvraag pas op termijn in kaart gebracht worden.  “We zijn voor borstkanker al in meer detail aan het uitzoeken wat de gevolgen zijn. Op basis van die informatie kunnen we leren wat we in de toekomst op het gebied van diagnostiek het beste kunnen doen.”

Meer informatie

Ontvang ook onze nieuwsbrief
Praat mee