Medisch specialistische zorg in Regeerakkoord

8 november 2012 – Hierover treft u een overdruk aan uit het Regeerakkoord Rutte II van de passages die de grootste invloed hebben op de medisch specialistische zorg.  

  • Medisch spedicialistische zorg naar 2%
  • Honoraria medisch specialisten
  • Harmoniseren duur vervolgopleiding medisch specialisten
  • Concentratie topreferente zorg
  • Stringenter pakketbeheer
  • Kwaliteitsinformatie bij declaratie

Hoofdlijnenakkoord specialistische zorg naar 2%

Na 2014 worden de hoofdlijnenakkoorden met instellingen voor medisch specialistische zorg, vrijgevestigde medisch specialisten, huisartsen en instellingen voor geestelijke gezondheidszorg voortgezet:

Met de sectoren van medisch specialisten/medisch specialistische instellingen, de GGZ en de huisartsen worden voor de periode 2015-2017 nieuwe hoofdlijnenakkoorden gesloten met daarin afspraken over het beperken van de jaarlijkse groei tot 2% (ruim boven de demografische groei van 1,1%). Huisartsen krijgen 0,5 procentpunt extra ten opzichte van de medisch specialistische zorg en de GGZ om substitutie te faciliteren.

In deze akkoorden worden onder meer afspraken gemaakt over een meer integrale
benadering in de aanpak van de zorgvraag, substitutie van 2e naar 1e lijn, verdere
kwaliteitsverbetering, meer inzicht in zorgzwaarte, verbetering van de
informatievoorziening, aanpassing van de bekostigingsstructuur (meer afrekenen op
gezondheidswinst i.p.v. productie), doelmatig gebruik (specialité) geneesmiddelen en de inzet van het macrobeheersingsinstrument (MBI) als stok achter de deur.

De overheid werkt verder aan het versterken van de rol van verzekeraars door onder
andere het nemen van de volgende maatregelen: het afschaffen van art. 13 Zvw zodat
selectieve inkoop wordt ondersteund, het uitsluitend verplicht verzekeren van zorg uit het basispakket via de naturapolis, het toezien op verbetering van de informatievoorziening en ondersteunen/ingrijpen waar noodzakelijk. Tevens zet de overheid zich in voor het maken van prijs/volume afspraken met fabrikanten over specialité geneesmiddelen. Verder wordt vastgehouden aan afspraken rond het volledig afschaffen van de ex-post risicoverevening per 2015. Onder de met de akkoorden te realiseren opbrengsten vallen ook maatregelen als een doelmatiger verdeling van SEH’s en doelmatiger inkoop van medische technologie en hulpmiddelen.

Honoraria medisch specialisten

Het rapport van de commissie Meurs is leidraad bij het inkomensbeleid gericht op medisch specialisten. Het fiscale ondernemersvoordeel voor medisch specialisten vervalt in 2015, als het specialistenhonorarium integraal onderdeel is van het ziekenhuisbudget en het beheersmodel medisch specialisten verdwijnt. De vorming van mega- of regiomaatschappen wordt ontmoedigd.

De onder het huidige hoofdlijnenakkoord afgesproken route van de invoering van integrale tarieven blijft van kracht, in lijn met de zienswijze van de commissie Meurs. De commissie concludeert dat er onder het huidige beheersmodel ruimte voor inkomensmatiging resteert. Derhalve wordt aanvullend op de hoofdlijnenakkoorden een besparing van 100 mln. doorgevoerd op het budgettair kader van medisch specialisten door deze na afloop van het lopende hoofdlijnenakkoord taakstellend te verlagen in combinatie met de honorariumtarieven.

Harmoniseren vervolgopleiding medisch specialisten

Het aantal jaren van publieke bekostiging voor medisch specialistische vervolgopleidingen wordt geharmoniseerd tot de opleidingsduur zoals geformuleerd in de EU richtlijn voor erkenning van beroepskwalificaties (2005/36/EU).

De herziening van het curriculum gaat met invoeringskosten gepaard. Structureel levert deze maatregel vanaf 2020 een besparing op van 180 mln. euro.

Concentratie topreferente zorg (IBO rapport)

De topreferente zorg die op dit moment door academische ziekenhuizen wordt verleend, wordt geconcentreerd.

Doelmatigheidsverbeteringen op het vlak van topreferente zorg en onderzoek worden bereikt door verdere concentratie en via mogelijke toetreding van andere instellingen dan UMC’s. Door het bereiken van hogere vaardigheid van ziekenhuizen kan met een hogere kwaliteit eenzelfde productie worden bereikt in een topreferent (deel)specialisme. Hiermee wordt een doelmatigheidswinst op de academische component gehaald. Deze wordt taakstellend verlaagd.

Stringenter pakketbeheer

Deze maatregel betreft het stringenter beheren van het verzekerd basispakket, zodat alleen nog noodzakelijke en (kosten)effectieve zorg wordt vergoed. Hiertoe worden de volgende wijzigingen doorgevoerd:

Noodzakelijkheid (medisch-inhoudelijk en budgettair) wordt een apart voorliggend (en daardoor op zichzelf doorslaggevend) criterium. Een uitzondering hierop betreft zorg die een ketenfunctie heeft, bijvoorbeeld de huisartsenzorg. Daarnaast wordt het criterium (relatieve) kosteneffectiviteit wettelijk verankerd.

Het instrument van voorwaardelijke toelating/financiering tot het pakket in combinatie met risicogericht pakketbeheer wordt breed en met een sunset-clausule ingezet. Tijdens de periode van voorwaardelijke toelating/financiering (maximaal 4 jaar) wordt (kosten)effectiviteit in beeld gebracht. Bij het besluit van de Ministerie van VWS tot het wel/niet toelaten tot het pakket, speelt ook de beschikbare ruimte binnen het budgettaire kader een rol.

Het CVZ licht elk jaar een deel van het pakket door met een taakstellend percentage uitgavenbesparing. Ook vinden meer ex ante toetsingen op instroom en risicogericht expost toetsingen ter bevordering van uitstroom plaats. Selectief doch systematisch wordt de kosteneffectiviteit in beeld gebracht. De maatregel vereist investeringen in de capaciteit bij het CVZ; hiermee is in de opbrengst rekening gehouden.

Kwaliteitsinformatie bij declaratie

Publiek toegankelijke informatie over kwaliteit is van groot belang voor verzekeraars, patiënten, patiëntenverenigingen, de Nederlandse Mededingingsautoriteit en de Nederlandse Zorgautoriteit. Lopende initiatieven worden met kracht doorgezet, eventueel ondersteund door convenanten.

Het Kwaliteitsinstituut krijgt doorzettingsmacht als de voortgang stokt. We verplichten aanbieders van zorg om bij de declaratie ook informatie te geven die nodig is om vast te kunnen stellen dat kwaliteit geleverd is. Het gros van deze informatie, bijvoorbeeld voortkomend uit klinische registraties, bestaat reeds maar moet nog ontsloten worden. Vanzelfsprekend wordt hierbij recht gedaan aan de bestaande privacy regelingen.

Meer informatie

Ontvang ook onze nieuwsbrief
Praat mee