Laatste aanpassingen overheveling 2013

3 januari 2013 – De NZa heeft een circulaire (CI/12/106c) gepubliceerd met twee aanpassingen op de bepalingen voor de overheveling van dure- en weesgeneesmiddelen in de DOT releases RZ13 a en b:
 

  • Onder bepaalde voorwaarden wordt het voor enkele geneesmiddelen mogelijk om bij off label gebruik een add-on te declareren. 
  • Voor somatropines waarbij het hulpmiddel niet is overgeheveld, is een oplossing gecreëerd.
     

Overheveling dure geneesmiddelen

Per 1 januari 2013 worden enkele geneesmiddelen overgeheveld uit het GeneesmiddelenVergoedingsSysteem (GVS) naar het ziekenhuiskader. Het betreft (een selectie van) de middelen die vallen in de groepen groeihormonen en oncolytica.

In de RZ13a zijn de geregistreerde indicaties bij de over te hevelen middelen toegevoegd aan de add-on lijst. Vervolgens zijn in de updaterelease RZ13b off-label indicaties toegevoegd op basis van een inventarisatie bij veldpartijen. In aanvulling hierop worden nog twee laatste aanpassingen doorgevoerd ten aanzien van 2013:

  1. Voor enkele specifieke add-ons dure geneesmiddelen is in de tariefbeschikking opgenomen dat deze ook in rekening kunnen worden gebracht bij een patiënt die voor dit geneesmiddel een niet-geregistreerde indicatie heeft als:

    a. de patiënt lijdt aan een ziekte die in Nederland niet vaker voorkomt dan bij 1 op de 150.000 inwoners, en
    b. de werkzaamheid van dat geneesmiddel bij die indicatie wetenschappelijk is onderbouwd, en
    c. in Nederland voor die aandoening geen behandeling mogelijk is met enig ander voor die aandoening geregistreerd middel.

    Dit conform de nadere voorwaarden van deze geneesmiddelen in het GVS. De aangepaste tariefbeschikking (TB/CU-2001-06) gaat in per 1 januari 2013.
     

  2. Voor somatropines geldt dat de geregistreerde indicaties per merknaam verschillen. De NZa heeft voor deze stofnaam daarom de indicaties specifiek per merknaam benoemd in de add-on lijst. In de RZ13c is de NZa voornemens voor de somatropines de indicaties op stofnaamniveau toe te voegen, conform de omschrijving van de nadere voorwaarden in het GVS.

    In het kader van de overheveling heeft VWS de NZa verzocht om voor het middel somatropine voor een periode van maximaal één jaar een extra declaratietitel te creëren voor de injectiepennen die in bepaalde situaties gebruikt worden om dit middel toe te dienen. De NZa is voornemens aan dit verzoek te voldoen en zal in de updaterelease RZ13c een nadere omschrijving en tarifering hiervan vaststellen (met ingangsdatum 1 januari 2013). Dit betreft nadrukkelijk geen add-on, maar een overige verrichting die alleen onder de volgende voorwaarden in rekening kan worden gebracht:

    –  Er is sprake van het gebruik van de injectiepennen van het merk Norditropin Flexpro.
    –  Het mag alleen gedeclareerd worden in combinatie met de add-ons voor somatropine (toedieningsvorm injectievloeistof)
    –  Er is een contractuele overeenstemming tussen de zorgaanbieder en de zorgverzekeraar voor het gebruik van deze extra declaratietitel.

Uit de nieuwe tariefbeschikking blijkt bovendien dat add-ons weesgeneesmiddelen met de zorgproductcodes 193380-193389 (*) uitsluitend in rekening mogen worden gebracht door Universitaire Medische Centra en door Nederlands Kankerinstituut – Antoni van Leeuwenhoek Ziekenhuis (NKi/AvL). Deze beperking geldt niet voor add-ons weesgeneesmiddelen voor lenalidomide (overige zorgproductcodes 194600 t/m 194603).

(*) Laronidase, Alglucosidase alfa, Agalsidase alfa, Agalsidase bèta, Galsulfase, Indursulfase, Clofarabine, Eculizumab, Trabectedine, Canakinumab.

Bron: NZa, 20 december 2012

Ontvang ook onze nieuwsbrief
Praat mee