De kosten van door ziekenhuizen verstrekte dure geneesmiddelen (inclusief stollingsfactoren) stijgen van 1,71 miljard euro in 2014, naar 2,46 miljard in 2019. In 2018 was dit 2,3 miljard euro. Dat blijkt uit onderzoek van Vektis. De helft van de kosten is toe te schrijven aan dure geneesmiddelen voor de behandeling van kanker. De kosten stijgen vooral bij universitair- of categorale ziekenhuizen.

Voor een aantal geneesmiddelen heeft de minister van VWS met de fabrikant vertrouwelijke afspraken gemaakt over de prijs van het geneesmiddel. De cijfers zijn niet gecorrigeerd voor die vertrouwelijke uitgavenverlaging (€ 71 miljoen in 2018 en € 136 miljoen in 2019). De BTW op dure geneesmiddelen in in 2019 gestegen van 6 naar 9%.

Academische centra

Bij alle type instellingen die dure geneesmiddelen verstrekken zien we een stijging van de kosten. Als we verder inzoomen, dan zien we dat er door de jaren heen een verschuiving plaatsvindt van algemene naar academische- en categorale ziekenhuizen als verstrekker van deze geneesmiddelen. De kosten stijgen bij hen dus het hardst. Dit beeld past bij de hoog-specialistische behandelingen die deze ziekenhuizen geven.

Behandeling kanker

Het grootste deel van kosten voor kostbare geneesmiddelen zijn voor middelen voor de behandeling van kanker. Het gaat om 49% en dit aandeel wordt steeds groter. Ook mensen met een ontstekingsziekte zoals reumatoïde artritis of een inflammatoire darmziekte als crohn of colitis ulcerosa krijgen dure geneesmiddelen voorgeschreven.

Dure geneesmiddelen verstrekt voor de behandeling van kanker, worden ongeveer even vaak gegeven aan mannen als aan vrouwen. De leeftijdsopbouw van patiënten varieert sterk met de specifieke kankersoort waarvoor het geneesmiddel wordt gegeven.

Mannen krijgen deze middelen vaak wel op latere leeftijd dan vrouwen. Dit hangt samen met de precieze aandoening: bij vrouwen gaat het vaak om borst- en bij mannen om darmkanker. Darmkanker wordt over het algemeen op latere leeftijd ontdekt. De meeste patiënten zijn ouder dan 65.

Reactie VIG op uitgaven dure geneesmiddelen

De uitgaven aan specialistische geneesmiddelen stijgen de laatste jaren harder dan de zorguitgaven. Toch is het aandeel in de stijging van de uitgaven aan geneeskundige zorg (Zvw) maar zo’n 8% en in de medisch specialistische zorg ongeveer 17%. Aldus een reactie van de Vereniging Innovatieve Geneesmiddelen (VIG).

In 2019 zijn de uitgaven aan specialistische geneesmiddelen gestegen met € 150 miljoen. De ‘overige’ uitgaven aan medisch specialistische zorg stegen echter met ongeveer € 745 miljoen. Het aandeel van de stijging van de uitgaven aan geneesmiddelen in de totale groei van de zorguitgaven is dus zo’n 17%.

Meer informatie