EGV geeft artsen en patienten informatie over overheveling

20 december 2012 – De minister van VWS heeft aangegeven dat patiënten geen hinder mogen ondervinden van de overheveling van specialistische geneesmiddelen van het geneesmiddelenvergoedingssysteem (GVS) naar het ziekenhuiskader. In opdracht van het ministerie van VWS monitort de Stichting Eerlijke Geneesmiddelen Voorziening (EGV) of er wijzigingen zijn opgetreden in de continuïteit en toegankelijkheid van de zorg voor patiënten. De eerste rapportage over de overheveling van de TNF-alfaremmers per 1 januari 2012 is gepubliceerd in april; de tweede in december.

De EGV zal ook de overheveling van de oncolytica en groeihormonen per 1 januari 2013 monitoren.

Monitorgeneesmiddelen.nl

Op de website www.monitorgeneesmiddelen.nl is een Vragenlijst voor patienten beschikbaar waarmee gevolgen van de overheveling worden onderzocht. Tot nu toe hebben al ruim 5.000 patienten de vragenlijst ingevuld. 

Ook informeert de EGV artsen en patiënten over de gewijzigde financiering via deze website, posters en flyers in de ziekenhuizen en informatiebijeenkomsten. Op de website staan voor de overheveling 2013 van de oncolytica Tips voor het gesprek met de arts en Informatie voor voorschrijvers.  

Gevolgen van de overheveling voor de arts

De EGV geeft op www.monitorgeneesmiddelen.nl onder meer de volgende informatie voor voorschrijvers: 

"Van belang blijft wel dat al deze maatregelen geen verandering brengen in de huidige (juridische) behandelrelatie die een medisch specialist met een patiënt heeft. Het soort behandeling (met een geneesmiddel) van een patiënt kan en mag dus niet worden beïnvloed door de beleidswijzigingen. De medisch-inhoudelijke beoordeling van de medisch specialist blijft maatgevend. Dit houdt in dat een medisch specialist (ongeacht de afspraken tussen ziekenhuis en zorgverzekeraar):

  1. zich aan de geldende richtlijnen en protocollen houdt, en ook 
  2. datgene doet wat volgens de WGBO een redelijk bekwaam arts in een vergelijkbare situatie redelijkerwijs voor deze patiënt zou doen.

Als de richtlijn geen weerslag is van hetgeen als verantwoorde zorg kan worden beschouwd (bijvoorbeeld als deze verouderd is of omissies vertoond om financiële redenen), dan dient de arts in ieder individueel geval te toetsen of een redelijk bekwaam arts, in dit geval, redelijkerwijs, de patiënt wel op de wijze zou behandelen zoals de richtlijn voorschrijft, of dat die redelijk bekwaam arts (op grond van de huidige stand van de wetenschap en de praktijk) hier tot een andere behandeling zou besluiten.

In principe is iedere behandelende arts via de toelatingsovereenkomst of arbeidsovereenkomst gehouden aan het financieel-organisatorisch kader van het ziekenhuis. Tegelijkertijd is de arts verantwoordelijk voor het medisch-inhoudelijk beleid in het ziekenhuis en voor de medisch- inhoudelijke behandeling van de individuele patiënt. Dit betekent dat een medisch specialist niet door de zorgverzekeraar of de Raad van Bestuur verplicht kan worden een bepaald geneesmiddel voor te schrijven als hij vindt dat dat niet de meest optimale behandeling voor de patiënt is. Een arts is namelijk altijd gehouden de verplichtingen uit de WGBO na te leven, ongeacht de financiële consequenties daarvan voor het ziekenhuis. Deze verplichte naleving is in elk geval vastgelegd in de standaardovereenkomsten tussen de medisch specialist en het ziekenhuis."

Meer informatie

Ontvang ook onze nieuwsbrief
Praat mee