Home

Dure geneesmiddelen

De kosten van de dure geneesmiddelen worden in het nieuwe DOT-systeem via ‘add-ons’ meegenomen in de tarieven van zorgproducten. De geneesmiddelen en indicaties die op 1 juni 2011 op de beleidsregels ‘dure geneesmiddelen’ en ‘weesgeneesmiddelen’ stonden zijn met ingang van 2012 een add-on. Zij zijn gedefinieerd als de gebruikte hoeveelheid in (eenheden van) milligram per toedieningsvorm of in units (E) per toedieningvorm. De add-ons vallen onder het gereguleerde segment, met maximum tarieven en bilaterale productieafspraken.

Ga direct naar:

Beleidsregel dure geneesmiddelen

In 2002 is de NZa Beleidsregel dure geneesmiddelen ingesteld. Hierdoor konden ziekenhuizen bovenop het vaste budget een extra vergoeding krijgen wanneer zij patiënten behandelden met kostbare geneesmiddelen. Door de jaren heen is deze bekostiging opgelopen en hoefde over de hoogte van het percentage niet meer te worden onderhandeld met de zorgverzekeraars. Vanaf 1 januari 2006 krijgen ziekenhuizen 80% vergoed van de ongeveer 35 geneesmiddelen die op de bijbehorende stofnamenlijst staan. De beleidsregel dure geneesmiddelen vervalt per 1 januari 2012.


Add-on

De kosten van Intensive Care en de dure geneesmiddelen worden in het nieuwe DOT-systeem via add-ons meegenomen in de tarieven van zorgproducten. Add-ons zijn overige zorgproducten, uitgedrukt in zorgactiviteiten, die onderdeel uitmaken van het profiel van een DBC-zorgproduct, maar additioneel bij een DBC-zorgproduct kunnen worden gedeclareerd.

Typerend voor add-ons is dat ze onvoorspelbaar en incidenteel van aard zijn, terwijl er wel substantiële meerkosten aan verbonden zijn. Add-ons zijn ontwikkeld om verstoringen in de homogeniteit van de DBC-zorgproducten te voorkomen. Alleen zorg op de Intensive Care (IC) en bepaalde dure en weesgeneesmiddelen zijn gedefinieerd als een add-on.
 
  • Van beleidsregel naar add-on
    Alle kosten van geneesmiddelen (inclusief off-label gebruik) zijn meegenomen in de tariefberekening van de DBC-zorgproducten, met uitzondering van de geneesmiddelen en indicaties die voorheen op de beleidsregels ‘dure geneesmiddelen’ en ‘weesgeneesmiddelen’ stonden. Alle geneesmiddelen in combinatie met de bijbehorende indicaties, die op 1 juni 2011 op de stofnamenlijst van de genoemde beleidsregels staan, zijn met ingang van 2012 een add-on.
     
  • Definiëring add-ons
    De add-ons dure en weesgeneesmiddelen zijn gedefinieerd als de gebruikte hoeveelheid in (eenheden van) milligram per toedieningsvorm of in units (E) per toedieningvorm. Deze afrekeneenheid wijkt af van de afrekeneenheid in 2011.
     
  • Voorlopig geen koppeling
    Minister Schippers liet in augustus 2011 aan de Tweede Kamer weten dat zij heeft besloten om behandelingen, waarbij dure geneesmiddelen worden gebruikt, voorlopig niet op een aparte lijst bijgehouden hoeven te worden. In 2013 zal er geen koppeling worden gemaakt tussen registratie van behandelingen met dure medicijnen en DBC-zorgproducten.

Beleidsimplicaties

Op het moment van schrijven is het beleid voor dure geneesmiddelen nog niet precies bekend. Het ministerie van VWS en de NZa werken de bepalingen voor dure geneesmiddelen (bijvoorbeeld toelating en beoordeling) nog verder uit. 

Minister Schippers van VWS maakte in maart 2011 haar visie op de prestatiebeloning ziekenhuizen bekend. Daaruit de volgende informatie.

  • Spiegel- en sturingsinformatie
    Dankzij de add-on bekostiging krijgen verzekeraars waardevolle sturingsinformatie in handen waardoor sturing op doelmatig gebruik (veel) beter mogelijk wordt. De add-on declaraties geven inzicht in de hoeveelheid middelen (incl. dosering) die per patiënt wordt gedeclareerd. Zo wordt spiegelinformatie op ziekenhuisniveau verkregen en kan eventuele praktijkvariatie tussen zorgaanbieders inzichtelijk gemaakt worden.
     
  • Verzekeraars uiterlijk per 2015 volledig risicodragend
    Verzekeraars zullen uiterlijk per 2015 volledig risicodragend zijn voor dure geneesmiddelen en hebben daarom (met het oog op de toekomst) ook per 2012 al een belang om het doelmatig gebruik van dure geneesmiddelen te bevorderen.
     
  • Doelmatige richtlijnen en toepassing behandeluitkomsten
    Daarnaast zullen ook andere waarborgen voor doelmatig gebruik worden ingebouwd. Met o.a. vertegenwoordigers van oncologen en ziekenhuizen worden momenteel afspraken gemaakt over: 
    • Het per 2012 beschikbaar komen van actuele richtlijnen voor de kwalitatieve en doelmatige inzet van dure geneesmiddelen (voor zover die richtlijnen er nog niet zijn)
    • Het per 2012 op transparante wijze inzichtelijk maken door behandelaren/ziekenhuizen van de mate van richtlijnconform handelen (dan wel het gemotiveerd afwijken daarvan). 
  • Monitoring behandeluitkomsten
    Behandelaren / ziekenhuizen zullen behandeluitkomsten actiefmonitoren via zogenoemde registraties, teneinde het effectief en doelmatig gebruik van dure geneesmiddelen te bevorderen en in behandelrichtlijnen vast te leggen, dan wel om beter geïnformeerde pakketbeslissingen te nemen. De minister zal de NZa vragen te onderzoeken in hoeverre de genoemde registraties – en mogelijk ook andere genoemde waarborgen – onderwerp kunnen zijn van de declaratiebepalingen binnen de add-on systematiek.  
  • Nieuw systeem voor voorwaardelijke opname in het verzekerde pakket
    De minister werkt aan een nieuw systeem voor snelle, maar voorwaardelijke opname in het verzekerde pakket van dure intramurale en dure extramurale geneesmiddelen. Onzekerheden over de therapeutische meerwaarde en kostenrisico’s bij opname in het pakket van innovatieve (‘single-source’) dure geneesmiddelen zullen in dat systeem ondervangen worden door afspraken met partijen over vervolgonderzoek in de praktijk, ‘pay for performance’ constructies en/of prijs(/volume)afspraken.

    Het doelmatigheidsonderzoek dat nu nog in het kader van de NZa beleidsregels dure en weesgeneesmiddelen wordt uitgevoerd dient verankerd te worden in het nieuwe systeem.
     
  • Maximumtarieven en beheerste omzetgroei
    De add-ons zullen in 2012 en de jaren daarna nog maximumtarieven krijgen. De dure geneesmiddelen vallen ook onder het macrobeheersinstrument. De minister wil de dure geneesmiddelen deel laten uitmaken van de afspraken met de veldpartijen over een beheerste omzetgroei.
     
  • Doelmatige inkoop: afslag op maximumtarieven
    De minister wil per 2013 in de add-on tarieven een directe prikkel inbouwen voor doelmatige inkoop door de maximumtarieven een afslag te geven op basis van de inkoopkortingen die ziekenhuizen met fabrikanten uitonderhandelen. De minister heeft daarom de NZa gevraagd een onderzoek te starten naar behaalde inkoopkortingen op dure geneesmiddelen over 2011, zodat deze afslagen adequaat kunnen worden vastgesteld.

Adviezen NVMO

De NVMO geeft op verzoek van het College voor zorgverzekeringen (CVZ) haar advies over opname van dure medicatie op de beleidsregel dure geneesmiddelen en de add-ons. Zij doet dat op basis van haar eigen meningsvorming.

NVMO-consensus dure medicatie
Enkele malen per jaar, en vaker als er belangrijke ontwikkelingen zijn, wordt de NVMO consensustekst Behandeling van kanker met dure medicamenten geactualiseerd en op de NVMO-website gepubliceerd. In augustus 2010 is de zesde versie beschikbaar gekomen. De meest recente consensustekst is via deze link als pdf-bestand te raadplegen en te downloaden. (Bron: NVMO, 29.08.2011)

Adviezen commissie BOM
De meeste adviezen zijn reeds in de gelijknamige rubriek van het verenigingstijdschrift Medische Oncologie gepubliceerd. Nieuwe adviezen worden ook als voorpublicatie op de NVMO-website geplaatst. Bekijk alle adviezen van de commissie Beoordeling Oncologische Middelen (cie BOM). (Bron: NVMO, 29.08.2011).


Meer informatie

Laatste update: 17 januari 2012